Een klant vroeg me onlangs om een teamsessie te organiseren omdat “de sfeer slecht was”. Sommige woorden vielen snel: toxisch, wantrouwen, roddels aan de koffiemachine, weerstand, ziekteverzuim. De vraag leek logisch:
“Gert, kunnen we iets doen rond samenwerking en feedback?”
Maar na enkele intakes werd duidelijk dat de sfeer niet het echte probleem was. Ze was een symptoom. Zoals koorts dat ook is.
In Dwarsdenker trekt een Atlasser elke maand een nieuwe blik op groeien en leren open. Altijd eerlijk, vaak tegendraads en soms confronterend. Deze maand neemt groeiarchitect Gert Van den Abbeele het woord.
Dan kan je natuurlijk een paracetamol geven: een inspirerende teamsessie, wat verbindende oefeningen, een goed gesprek. Dat kan even verlichting brengen. Maar als de onderliggende oorzaak blijft zitten, komt de koorts terug. Dus moesten we back to basics. Naar duidelijke rollen, heldere afspraken en glasheldere verwachtingen. Wie beslist wat? Wat verwachten we concreet van elkaar? Welk gedrag helpt ons vooruit en welk gedrag ondermijnt de samenwerking?
“Maar eigenlijk moesten we nog één laag dieper: naar de relatie.”
Want zonder veiligheid en vertrouwen kan elke afspraak snel als een controlemechanisme voelen en elke feedback als een bedreiging. Mensen spreken pas echt wanneer ze voelen dat eerlijkheid niet tegen hen gebruikt wordt. Daar ligt voor mij de kern van leiderschap. Niet de sfeer willen “fixen”, maar de voorwaarden creëren waarin volwassen communicatie mogelijk wordt. Een feedbackcultuur ontstaat niet door feedbacktraining alleen. Ze ontstaat wanneer leiders duidelijkheid brengen, afspraken laten leven en tegelijk investeren in vertrouwen. Want cultuur is uiteindelijk wat mensen durven zeggen, wat leiders consequent benoemen en wat niemand nog laat passeren.


